Biografieportaal

Friedrich Nietzsche

een filosoof voor allen en voor niemand

‘Ik duik nog even in de biografie van Nietzsche,’ roep ik wandelend naar mijn bureau. Verschrikt kijkt de kat, die luistert naar de naam van de Duitse denker, op. Een aai over haar bol helpt om haar weer rustig te laten liggen. Dan schuif ik aan en sla het boek open. Ik kan me niet heugen dat ik ooit zo fanatiek en met vlagen van bewondering een biografie gelezen heb. Terwijl ik in de afgelopen jaren toch menige biografie heb mogen lezen en daar zeker mooie werken tussen zaten. 
Een nieuw secundair werk over het leven en werk van de belangrijkste Duitse filosoof van de negentiende eeuw. Alweer een boek over Friedrich Nietzsche. Alweer een boek dat probeert zijn leven en werk met elkaar in balans te brengen en te duiden. Ik ben dynamiet. Het leven van Friedrich Nietzsche is in dat opzicht de zoveelste loot aan eenzelfde boom. Sue Prideaux heeft het aangedurfd om een nieuw boek te schrijven over een controversieel en makkelijk mis te verstaan denker. 

Oswald Spengler

meer dan de man van dat ene boek

Lang stond hij bekend als de man van dat ene boek. Dat boek was allang vergeten, de man van dat boek ook. Tot vorig jaar oktober de vertaling van Der Untergang des Abendlandes verscheen bij Boom Uitgeverij. Twee kloeke delen, vertaald door Mark Wildschut. Met deze vertaling kwam ook de interesse in de schrijver weer tot leven, ineens was Oswald Spengler (1880-1936) weer in beeld. Opvallend is dat de naam van Spengler in de handboeken cultuurfilosofie en sociale en politieke filosofie schittert door afwezigheid. Wie zocht naar meer informatie over de schrijver, was aangewezen op de extra’s die bij de publicatie van zijn magnum opus werden geboden. Een jaar nadat de vertaling verscheen, komt Boom met een vervolg: Oswald Spengler, een intellectuele biografie. Een boek van de hand van historicus en germanist Frits Boterman. Het is een licht herziene uitgave van het proefschrift dat Boterman in 1992 gepubliceerd heeft. De schrijver stelt zich als doel het hoofdpersonage in een brede historische context te plaatsen. Spengler in het licht van de Duitse cultuur op het breukvlak van de negentiende en twintigste eeuw.

Harry Mulisch

Het masker ontrafeld

De minstreel van het LeidsepleinMulisch en de wetenschapDe weg van het lachen en De furie van het systeem. Zomaar een handjevol titels uit de lijst secundaire literatuur over de Nederlandse schrijver Harry Mulisch (1927–2010). Sinds februari is aan deze lijst een boek toegevoegd: De Mulisch Mythe. Een titel die recht doet aan de status van de auteur en tegelijkertijd uitdaagt tot lezen. Een boek van de hand van Sander Bax, docent literatuurwetenschappen en cultuurgeschiedenis aan de Universiteit van Tilburg.

Herman de Coninck

zoekende dichter, authentiek journalist

Het zal een dikke twee jaar geleden zijn, dat ik bij mijn vertrouwende antiquariaat Isis in Groningen binnenstap. Toen een zich tweewekelijks herhalend bezoek, elke keer langs dezelfde kasten struinend in de hoop iets moois te ontdekken waar ik twee weken eerder overheen had gekeken. Plots wordt me de vraag gesteld: ‘Ken je de poëzie van Herman de Coninck?’ Een vraag die ik met enige schaamte met nee moet beantwoorden. Het boek met de titel De gedichten komt tevoorschijn, ik blader, kijk, lees. Een willekeurige pagina, een willekeurig gedicht, maar het was meteen raak. Poëzie zoals poëzie hoort te zijn.

Willem Kloos

onmatig en soms onmogelijk

‘Ik ben een God in ’t diepst van mijn gedachten’ is misschien wel de meest gekende zin uit het oeuvre van Willem Kloos (1859-1938). Hij was de voorman van de Beweging van Tachtig, een vilein criticus en groot dichter. O God, waarom schijnt de zon nog! is een nieuw boek over het leven van Kloos. In dit rijk geïllustreerde werk laten Peter Janzen en Frans Oerlemans het totaalplaatje zien van een van de grote heren uit de Nederlandse letteren. De auteurs – respectievelijk historicus en neerlandicus – promoveerden op het leven en werk van Kloos.

Thomas More

humanist aan het einde van de middeleeuwen

We leven in een utopisch jaar, althans precies 500 jaar geleden verscheen het boek Utopia van de Brit Thomas More. Onder toeziend oog van de Nederlandse humanist Erasmus werd het eerste exemplaar in Antwerpen gedrukt. More (1478 – 1535) was schrijver, jurist, humanist, staatsman en adviseur van het Britse koningshuis. Dit jaar verscheen de Nederlandse vertaling van een boek over het leven van deze Britse humanist. De biografie van More is van Peter Ackroyd, een veelzijdig historicus die eerder de biografieën schreef van onder andere Shakespeare, Dickens en Chaplin.

Baruch de Spinoza

de vierzijdige januskop

De ruim tien pagina’s in de befaamde Encyclopedia of Philosophy tonen al aan dat de Nederlandse filosoof Baruch de Spinoza (1632-1677) een belangrijke naam is in de geschiedenis van de westerse filosofie. Aan de lange lijst met studies naar Spinoza en zijn filosofie kan een nieuwe titel worden toegevoegd: Spinoza. Een paradoxale icoon van Nederland van universitair hoofddocent geschiedenis van de wijsbegeerte aan de Erasmus Universiteit Henri Krop.

Søren Kierkegaard

Een veelzijdige eenling

Johannes de Silentio, Johannes Climacus, Anti-Climacus, Victor Eremita, Hilarius Bogbinder, Frater Taciturnus, Vigilius Haufniensis, Constantin Constantius. Verschillende namen voor maar één man, de Deense filosoof Søren Aabye Kierkegaard (1813-1855). Een invloedrijke denker uit de negentiende eeuw, maar het aantal biografieën dat aan hem is gewijd, is op een hand te tellen. Met het verschijnen van Søren Kierkegaard, een biografie is er een nieuwe indrukwekkende biografie aan dit korte lijstje toegevoegd. De schrijver van dit werk is Kierkegaardkenner en theoloog Joakim Garff. Hij heeft zich ten doel gesteld niet vanuit het heden terug te kijken op de eenling Kierkegaard, maar om de denker vanuit zijn eigen tijd te bezien. Dat maakt dat zijn werk meer is dan een beschrijving van het leven van de Deense denker. Kierkegaard is toch vooral de Deense filosoof. De denker die vrijwel zijn hele leven in Denemarken heeft gewerkt en geschreven, enkele korte uitstapje naar Duitsland daargelaten. Daar, en dan specifiek in Berlijn, volgde hij colleges bij Friedrich von Schelling (1775-1854). Maar het leeuwendeel van zijn leven brengt hij door in Denemarken, hetzelfde Denemarken waar schrijver Hans-Christiaan Andersen zich beweegt. In die Deense leefomgeving zijn er twee thema’s die Kierkegaard constant bezighouden en daarmee een rode draad vormen door zijn leven: de filosofie en de kerk.

Charles Ruijs de Beerenbrouck

een klein beetje de Hollandse Kennedy

Met de invoering van het algemeen kiesrecht in 1917 dachten de socialisten een mooie politieke slag te kunnen slaan. Dat bleek niet geheel onterecht, maar er was nog een politieke beweging voor wie dit geen windeieren legde: de katholieke kamervereniging. Met Wiel Nolens als grote man werden de katholieken de grootste fractie in de Tweede Kamer. Maar Nolens was priester, de Nederlandse politiek was nog niet rijp voor een priester als minister-president. Dat maakte dat iemand anders de Hollandse Kennedy avant la lettre werd: jonkheer Charles Ruijs de Beerenbrouck (1873-1936). Een Limburgse jurist, die met het verschijnen van Toen de katholieken Nederland veroverden een eigen biografie heeft gekregen. Auteur van het werk is Frans Verhagen. De schrijver heeft zichzelf ten doel gesteld een portret te schetsen van de man in zijn publieke en politieke functie. Over de periode van het interbellum is veel gepubliceerd en er is ook veel werk verschenen over de Nederlandse politiek in die periode. In al deze werken speelt Ruijs een rol, maar een biografie ontbrak nog.

Pieter Sjoerds Gebrandy

Neerlands premier in oorlogstijd

Solistisch, eigengereid, rechtlijnig, dwarsligger, weinig oog voor nuance en compromis. Het lijken niet de meest praktische karaktereigenschappen voor een politicus. Althans, niet voor een politicus in een coalitieland, een land dat als geestelijk vader wordt gezien van het poldermodel. Toch zijn het de eigenschappen van een Nederlandse minister-president, Pieter Sjoerds Gebrandy (1885-1961). Gerbrandy was premier tijdens de moeilijkste periode uit de geschiedenis van het koninkrijk: gedurende de Tweede Wereldoorlog. Historicus en jurist Cees Fasseur (1938) heeft zich verdiept in het leven van Gerbrandy en schreef over hem het boek Eigen meester, niemands knecht.

Erich Salomon

fotogenie

Het is vandaag de dag eerder regel dan uitzondering: een actiefoto uit de Eerste of Tweede Kamer in de krant, de dag na een hevig debat. Foto’s waar de heren en dames politici van dichtbij in beeld zijn gebracht, opgaand in het debat en niet wetend dat de foto werd geschoten. Maar dat soort foto’s, daarvan is de geestelijk vader Erich Salomon(1886-1944). Aan hem is het boek Erich Salomon & het ideale parlement. Fotograaf in Berlijn en Den Haag, 1829-1940 geweid. Het boek brengt het parlementair-fotografisch werk van Salomon in beeld, analyseert deze en voorziet het van een nieuwe interpretatie. Het is een verzameling van diverse essayistische bijdragen onder redactie van Andreas Biefang en Marij Leenders.